Een taalstoornis is een stoornis in het begrijpen en gebruiken van gesproken taal en komt voor bij 7% van alle kinderen. De stoornis kan zich voordoen op klank-, woord-, zin- en verhaalniveau. Er bestaan verschillende vormen van taalstoornissen, zowel op het gebied van de taalvorm (fonologie en morfosyntaxis) als op het gebied van de taalinhoud (semantiek) en het taalgebruik (pragmatiek). Vaak zijn kinderen met een taalstoornis moeilijk verstaanbaar, spreken ze onbegrijpelijk en begrijpen ze een vraag niet. Als de taalstoornis nog niet goed in kaart is gebracht spreken we wel van een kind met taalproblemen.
Taalstoornissen komen voor bij de meeste kinderen met een psychiatrische stoornis, zoals een angst- en depressiestoornis, een autisme spectrum stoornis, ADHD en/of ODD. Als er geen hulp wordt geboden op beide fronten, de psychiatrische stoornis én de taalproblematiek, dan hebben deze kinderen een verhoogd risico voor het ontwikkelen van een leerprobleem en van maatschappelijk onwenselijk gedrag in de adolescentie.
In deze cursus verwerft u gedegen kennis op het gebied van de (klinische) psycholinguïstiek en daarmee krijgt u beter zicht op taalproblemen van kinderen met psychiatrische stoornissen. Deze kennis draagt bij tot uw eigen vorm van diagnostiek en/of behandeling. U leert taalgedrag te onderscheiden van ander gedrag zoals sociale en cognitieve vaardigheden. Ook krijgt u inzicht in de relatie tussen taalontwikkeling en sociaal-cognitieve ontwikkeling. Tenslotte krijgt u handvatten voor het herkennen van normale en afwijkende taalontwikkeling en voor het ordenen van taalproblemen naar de verschillende taalniveau’s (klank-, woord-, zins- en verhaalniveau).